Muziekkring Enkhuizen

Hťt podium voor kamermuziek in West-Friesland

Sinds 1946

Privacybeleid

 

Gehoord, gezien en beleefd in Cultureel Centrum de DROMMEDARIS in Enkhuizen, het eerste seizoensconcert gegeven voor de Muziekkring Enkhuizen en Omstreken (sinds 1946!) door het Dostojevski Kwartet op maandag 14 oktober 2019. De leden zijn: Charlotte Basalo Vazquez en Julia Kleinsmann , viool, Lisa Eggen, altviool  en Emma Kroon, cello, waarbij aangetekend dat de laatste drie musici een instrument van het Nationaal Muziekinstru-menten Fonds -het NMF- in bruikleen hebben. Op 10 mei 2017 waren de musici te gast bij Podium Witteman. Zij speelden toen Mozart.

 

Het Bestuur  van de Muziekkring nodigde het jonge Dostojevski Kwartet uit, dat dit jaar vijf jaar bestaat. Men speelde eerst zonder naam; op bezoek in de Dostojevski-singel  in Amsterdam vonden de kwartetleden het een mooie naam. D. bleek Tsjaikovski te kennen. Er was bij allen een affiniteit met Russische componisten. Julia is zelfs in St. Petersburg geweest om de wortels van Dostojevski  te verkennen. Voor verdere info zie het programmablad. Het Kwartet had op de lessenaar drie fraaie werken gezet: een “vroeg” werk van Beethoven (opus 18/2), het kwartet van HenriŽtte Hilda Bosmans en opus 51 van DvorŠk. Op de valreep nog een werk uit de 18de eeuw (het is van 1799),een uit de 19de eeuw (uit 1879) en een uit de 20ste eeuw (1927). Een mooie dwarsdoorsnede van de muziekgeschiedenis dus. De Voorzitter opende zoals altijd met schwung de muziekavond.

 

Ludwig van Beethoven: strijkkwartet nr2 opus 18: genaamd het “Komplimentierquartett”.  Het kwartet debuteerde in het Concertgebouw met dit werk in 2014: “Een heerlijk opgewekt stuk dat goed bij onze karakters past”. Het is in de muziekliteratuur omschreven als:  een werk met een sfeer vol volgehouden humor en stoutmoedige vindingrijkheid. Beethoven schreef het in 1799, en herzag het een jaar later. I. Allegro: Haydn lijkt om de hoek mee te kijken bij het schrijven van dit kwartet: Hoofs, elegant, speels. Enthousiast en stralend spel. In de 2de doorwerking komt de echte Beethoven  te voorschijn. Maar: een hoffelijk spel van vraag en antwoord, een luchtige conversatietoon bij een tamelijk complexe en intrigerende verwerking van het thematische materiaal. Een vrij lyrisch slot. II. Adagio cantabile: Innige melodieŽn, gedragen. Sublieme klankkleuren toveren de violistes uit hun schitterend instrumentarium. III. Scherzo-Allegro : vrolijk, hups en intrigerend met een  eigenzinnig trio.  IV. Allegro molto, quasi presto: weer een geestig vraag- en antwoordspel tussen cello en tutti, virtuoos vertolkt, afwisselend ‘Sturm und Ruh’, eindigend in een bruisende coda: wat een vitaal stuk muziek!

 

HenriŽtte Hilda Bosmans: Strijkkwartet. HenriŽtte Bosmans groeide zonder haar vader op: hij overleed kort na haar geboorte. Haar moeder was concertpianiste. Na haar piano-opleiding begon ze te componeren. In 1918 speelde ze in het Concertgebouw voor het eerst eigen werk: haar 6 Prťludes voor piano. Ze volgde compositielessen bij Cornelis Dopper en later bij Willem Pijper. Ze werd benoemd als docent piano aan de voorloper van het Amsterdams Conservatorium. Er was veel belangstelling voor haar composities en ze trad ook veel solistisch op. Na de oorlog (een slechte tijd voor haar als half-Joodse) componeerde ze nog een flink aantal werken, trad minder op en schreef ze muziekrecensies als ook essays over Willem Pijper, Eduard van Beinum, Edith Piaf, Pierre Monteux, Willem Mengelberg, Sir Adrian Boult en George Szell. In 1994 werd de HenriŽtte Bosmansprijs ingesteld, een aanmoedigingsprijs voor jonge componisten. Ze componeerde veel muziek voor piano,  liederen (Daar komen de Canadezen!), cello-, piano-, fluit-, en vioolconcerten, het Declamatorium “Doodenmarsch” op tekst van Clara Eggink. Haar enige strijkkwartet uit 1927 kwam tot stand onder het toeziend oog van Willem Pijper en werd omschreven als “In kernachtige zachtheid” I. Allegro molto moderato.  De alt zet in, unisono antwoord, cello geeft herhaalmotiefjes. De invloed van Pijper is goed merkbaar, er is een zekere atonaliteit te bespeuren (vgl. Pijpers kiemceltheorie). Bij tijden zangerig, sterk samenspel, heftige accenten, dan weer lieflijk. II. Lento. De primarius heft een stralende klaagzang aan, zacht begeleid door de anderen. Ze blijft langdurig ‘aan het woord’, soms neemt de cello het over. Elegisch, dat woord past hierbij. De verschillende kleuren van de vier instrumenten komen hier diepgaand tot leven. III. Allegro molto. Een haast driftig begin dat aan Sjostakovitsj’ 8ste strijkkwartet doet denken, wellicht is het wel andersom, omdat hij dat schreef in 1960. Pizzicati van de cello, glissandi, sterk ritmisch, bonzend, kloppend: een zeer indringend stuk muziek dat schitterend gespeeld werd door deze jonge musici! Bravo!

 

Antonin DvorŠk: Strijkkwartet nr 10 opus 51 in Es. De primarius van het Florentiner Streichquartett vroeg DvorŠk een “Slavisch” kwartet te schrijven voor hen, dat DvorŠk in maart 1879 voltooide. De folklore is het leidend beginsel en volksmuziek en -dansen vormen dus de basis voor het thematisch materiaal. Polka, Dumka en de Furiant, een snelle sprongdans zijn de inspiratiebronnen geweest. Het kwartet werd een onmiddellijk succes: de premiŤre was op 10 november 1879 in Maagdenburg door het Florentiner Streichquartett. I. Allegro ma non troppo. Een zoet zangerig begin in brede bewegingen en golven, aanzwellend en wegebbend. Drie spelen unisono, de cello tokkelt. De heerlijkste melodieŽn overspoelen de Dromzaal. De vier instrumenten versmelten tot een prachtig en levendig klankkleed dat hier uitgerold wordt en dat ontroert en inspireert. Stuk voor stuk spelen de jonge vrouwen adembenemend mooi. De muziek: nu eens serieus en krachtig, dan weer speels en vrolijk. Een stuk om niet genoeg van te krijgen en doet verlangen dat het door gaat, ook al is het afgelopen.  II. Dumka (elegia) Andante con moto-Vivace. Weer zo’n vol zangerig thema dat fraai uitgewerkt werd. Elegische melodieŽn zingen de zaal rond. Dan vlotte volksmuzikale luchtigheid in snel tempo. De cello geeft gitaarachtige begeleiding. Afwisselend vrolijk en gedragen. Heerlijk!  III. Romanza. Andante con moto. Een statige start met lange streken, ernstig en beschouwend, dromerige passages. Zoete muziek met af en toe een donkere ondertoon. Een stil slot.  IV. Finale. Allegro assa. Een luchtige doch stevige finale die opgewekt de wereld tegemoet treedt. Beschouwende passages waarbij je haast de adem inhoudt, zo stil en ingetogen is het. Dan weer marsachtig, sterke ritmiek, uitdovend in een stil diminuendo. Levensvreugde en levenskracht krijgt het aandachtig luisterende en meelevende publiek aangereikt. Menigeen luistert met gesloten ogen. In Slavische vaart wordt het opus 51 beŽindigd!

 

Toejuiching. Applaus. Dankbuigingen van het Kwartet, uitreiking van de attenties. Wat een fijn begin van dit zoveelste seizoen van de Muziekkring Enkhuizen. Dit doet al meteen verlangen naar het volgende concert  op 14 november!

 

LIEFHEBBER/Klaas Herman de Haan

 

.

Column geschreven door Liefhebber naar aanleiding van een recent concert

 

 

Seizoen 2019-2020

Dostojevski kwartet

14 oktober 2019